'You have to play to practice' M. Dayme

Vocal diary : blog

28 oktober 2012
Gregory en Kurt, Kurt en Gregory

Ik bedacht laatst dat ik al heel wat over zang en aanverwante onderwerpen heb geschreven, maar dat het in mijn artikelen relatief weinig over de kunst van het zingen zelf gaat. Toch is dat mijn eerste liefde: 'kunde' is leuk, maar 'kunst' nog leuker, als je snapt wat ik bedoel. Dat maakt het echter niet meteen een eenvoudig onderwerp om over te schrijven. Hoe beleef ik muziek, hoe beleef ik het zingen, wat vind ik mooi en waarom, waarom zing ik eigenlijk zoals ik zing? Genoeg vragen om een heel boek mee te vullen.

 

Misschien moet ik gewoon eens met een recente ervaring beginnen. Bijvoorbeeld met het concert van Gregory Porter dat ik in september bezocht. Het was in een tropisch warm en uitverkocht Tivoli in Utrecht. Ik was daar al heel lang niet geweest. Op een of andere manier lees ik hun concertaankondigingen meestal nadat de concerten al hebben plaats gevonden. Of dat iets over mij zegt of over hun aankondigingen weet ik niet. Op zich hou ik ervan muziek live te beluisteren. Ik vermoed zelfs dat ik meer tijd doorbreng bij concerten dan dat ik thuis naar muziek luister.

 

Maar goed, Tivoli dus. Ik was er na een hint van mijn broer, waarvoor hartelijk dank want het was een prachtig concert. Buitengewoon zelfs. En ik was niet de enige die dit vond, de zaal stond op zijn kop. Iedereen leefde mee en er werd zelfs na alle solo's (ook na de bassolo) 'ouderwets' luid geklapt. Ik schrijf expres 'ouderwets' omdat je dit zelfs in jazz clubs nog maar zelden meemaakt. Wat is er dan zo bijzonder aan Gregory Porter? Of laat ik het eenvoudiger houden: Wat was er dan zo bijzonder aan deze avond? Ten slotte kan ik alleen over dit concert oordelen. Voor wie hem niet kent: Gregory Porter is een tamelijk grote, behoorlijk stevige zwarte man. Of hij knap is durf ik niet te zeggen. De helft van zijn gezicht is namelijk begroeid met een stevige baard, en op zijn hoofd draagt hij steevast een gevoerde wintermuts mét oorflappen. Op internet lees ik dat hij dat doet ter ondersteuning van zijn imago. Of het zijn imago helpt weet ik niet, maar het resultaat is in elk geval dat je bijna niets van zijn gezicht ziet. Ik denk dan ook niet dat Gregory Porter zo geliefd is vanwege zijn looks.

 

 

Nu ik dit opschrijf moet ik denken aan toen ik voor het eerst een concert bijwoonde van een andere mannelijke zanger: Kurt Elling. Het was in een kleine jazzclub in Parijs en ik zat niet al te ver van het podium. Desondanks kon ik nauwelijks zijn gezicht zien. Kurt droeg zijn lange haar in zijn gezicht, had een snor én een sik en droeg ook nog eens een bril. In beide gevallen, Gregory en Kurt, moesten ze het vooral van één communicatiemiddel hebben, en dan meteen dan ook het ultieme communicatiemiddel, de STEM.

 

En wat voor een stem! In beide gevallen echt bijzonder. Kleurrijk, soms heel donker, maar tegelijkertijd toch ook flexibel en mooi in de hoogte. Soms stoer, soms breekbaar en vol nuances. Stemmen vol verhalen. Het opmerkelijke is dat hoewel het twee zeer verschillende zangers zijn, er heel wat momenten waren tijdens het concert van Gregory Porter, dat zijn stem als twee druppels water leek op die van Kurt Elling: De klank, intonatie, frasering, sommige versieringen. Ook wat betreft repertoire, stijl en de bezetting van de band waren er overeenkomsten.

 

De vergelijking brengt bij mij de vraag omhoog of Kurt Elling net als Gregory Porter een zaal als Tivoli zou kunnen uitverkopen. Eerlijk gezegd denk ik van niet. Maar waarom dan niet als ze toch zoveel overeenkomsten hebben? Kurt Elling is een echte entertainer en doet, anders dan Gregory Porter, veel moeite contact te maken met het publiek. Sommigen vinden hem door zijn praatjes ‘slick’. Gregory Porter daarentegen, zegt eigenlijk niet echt veel. Niet dat hij daardoor geen contact heeft met het publiek, in tegendeel. Maar hij hoeft er in elk geval geen praatjes voor te maken. (Als het slagen van een optreden geheel afhangt van de verbale presentatie van de zanger heeft deze natuurlijk sowieso het verkeerde beroep gekozen, maar dit terzijde). Het enige waarin Porter en Elling misschien aanwijsbaar verschillen is het repertoire. Ik vermoedde eerst dat de stukken van Gregory Porter misschien gemiddeld iets korter zouden zijn, maar na een snelle check blijkt dit niet te kloppen: zelfs de lengte van hun stukken komt ongeveer overeen. Gregory’s repertoire lijkt me wel nét iets lichter verteerbaar voor een gemiddeld publiek. Zou dat het hem dan doen?

 

Als ik eerlijk ben heb ik eigenlijk geen idee. En dit is nu precies waarom het zoveel moeilijk is om over ‘kunst’ te schrijven dan over ‘kunde’. Waarom is iets mooi? Waarom raakt iemand je, een stem, een song? Ik maak het mezelf natuurlijk ook onnodig moeilijk door ineens twee (heel goede) zangers met elkaar te gaan vergelijken. Dom! Een beginnersfout, zal ik niet meer doen. Op die manier doe je altijd iemand te kort. En wat maakt het uit, er is voldoende ruimte voor iedereen: twee stemmen, tien stemmen, 100 stemmen, kom maar op! Des te groter de kans dat je geraakt wordt en daar was het toch allemaal om begonnen.

 

Klik hier wanneer je wilt reageren.